IslamofobieNRC HandelsbladNRC Media

NRC komt terug van beschuldiging Erdoğan: Milli Görüş doelwit

Publicatiedatum: 17 augustus 2018

In een nieuwe publicatie afgelopen vrijdag, zwakt NRC-journalist Andreas Kouwenhoven de relatie af die hij twee weken geleden bedacht tussen polder-jihadisme, salafistische imams in Turkije en de Turkse president Erdoğan. De publicatie volgt na een belastende eerdere publicatie over Milli Görüş op 3 augustus, waarin de Turks-Nederlandse moskeekoepel wordt verdacht van het faciliteren van de jihad-gang naar Syrië door haar banden met o.a. de salafistische Turkse imam Nurettin Yıldız. 

 

Ommezwaai

De stellingname van Kouwenhoven dat jihadisten uit Nederland indirect gestuurd worden door de Turkse president Recep Tayyip Erdoğan bleek iets te ambitieus, zo blijkt uit de opvallende draai die Kouwenhoven afgelopen vrijdag maakte. Erdoğan zag zich genoodzaakt afstand te nemen van Yıldız,” nuanceert Kouwenhoven nu, waar hij eerder nog onverkort sprak van een “speciale verhouding” tussen Yıldız en de president van de Turkse republiek. Of de ommezwaai nog van waarde is, valt te betwijfelen, daar het leed al is geschied. Zo werd Abdullah Özütürk, een predikant uit Amsterdam, door Kouwenhoven opgevoerd als sluitstuk van zijn theorie dat in Nederland onder toeziend oog van Milli Görüş zou worden geronseld voor een door Erdoğan politiek-gedekte en door salafistische imams intellectueel voorbereide jihad in Syrië. Özütürk zou jongeren hebben geronseld, stelt Kouwenhoven. De ravage die Kouwenhoven met de beschuldigingen aanrichtte in het privéleven van Özütürk, probeert Özütürk al weken te herstellen. Abdullah Özütürk deed aangifte tegen de NRC-journalist en probeert sindsdien zijn naam te zuiveren.

 

Twijfelachtige reputatie

Andreas Kouwenhoven staat onder meer bekend om zijn onthulling dat CDA-Kamerlid Pieter Omtzigt een “nepgetuige” twijfel liet zaaien over de vliegramp van MH17. Kouwenhoven staat echter inmiddels te boek als een journalist die vaker onzorgvuldige artikelen over Turkije- of Turks-Nederlandse kwesties schrijft, zoals een vluchtige ‘google-search’ doet opmerken. Zo is Kouwenhoven de journalist die in de verslaggeving rond de herdenking van de Turkse staatsgreep in Apeldoorn in 2017 de namen van drie geïnterviewde jongens noteerde als Demba Ba, Cenk Tosun en Emre Mor. Kouwenhoven staat er niet bekend om informatie dubbel te controleren en te verifiëren.

 

Nieuwe smaad en laster: excursie is “trainingskamp”

In de artikelen van Kouwenhoven valt dus op dat hij een aantal journalistieke basisregels stelselmatig negeert. Waar Kouwenhoven in het artikel van 3 augustus een praatgroep aan de Kempstraat in Den Haag een “moskee” noemde om de suggestie te wekken dat in Nederlandse moskeeën institutioneel wordt aangezet tot jihadisme, schreef hij op 17 augustus dat jongeren die met bemiddeling van Milli Görüş op excursie gaan naar Turkije op “trainingskamp” gaan. Dit is een misrepresentatie. Het suggereert opnieuw een verborgen, heimelijke agenda van een normale sociaal-religieuze moskeeënkoepel die al decennia in Nederland helpt bij de sociale en religieuze ontwikkeling (door Kouwenhoven “islamisering van Nederland” genoemd) van Turkse Nederlanders. De term “trainingskamp” in combinatie met rode lappen als radicalisme, gewapende jihad, geweld tegen vrouwen en pedofilie (allen onderwerpen die Kouwenhoven in verband brengt met Milli Görüş), doet de gedachten van de lezer linea recta uitgaan naar Al-Qaida, haat, terrorisme, moreel bederf en springstoffen. De auteur is zich hiervan bewust en stuurt hier moedwillig op aan, zonder ook maar op enig moment met een vertegenwoordiger van Milli Görüş te hebben gesproken of de activiteiten van Milli Görüş te hebben bijgewoond. Nederlandstalige media als De Volkskrant, NOS, Geenstijl en De Telegraaf namen de berichtgeving over, terwijl o.a. Cumhuriyet en BBC Türk het bericht verspreidden in Turkije.

 

Hoofdredactie NRC

Dat de hoofdredactie en het bestuur van NRC Handelsblad Kouwenhoven vrij spel geven, is zorgwekkend; te meer omdat laster, smaad en journalistieke gemakzucht in dit tijdsgewricht financiële voordelen meebrengt, zoals blijkt uit het feit dat het rechts-populistische dagblad De Telegraaf in 2017 de best gelezen krant was van Nederland. NRC Handelsblad daarentegen, kampt – ondanks de hoge journalistieke standaarden die zij pretendeert te hanteren – al jaren met een dalende oplage en de Raad van Bestuur denkt dit te moeten compenseren door de grenzen van de oorbare journalistiek op te zoeken (en daar soms overheen te gaan). In het geval van de Turks-Nederlandse gemeenschap valt het immers nog altijd maar te bezien of er aangifte of een gang naar de Raad voor de Journalistiek wordt ondernomen.

Gerelateerde artikelen

Geef een reactie